Het orgel

Luister hier de ingesproken tekst

Luister hier naar het orgel

Het orgel: een harmonie van klanken

De eerste vermeldingen van de aanschaf en bouw van een nieuw orgel dateren uit 1643. Op 29 juni 1643 ondertekenden de Kerkvoogden Ouwe Rinnelts en Eltio Eppens een overeenkomst met orgelmaker Jodocus Siborch voor de vervaardiging van een kerkorgel. Voor zijn vakmanschap ontving orgelmaker J. Siborch een bedrag van 1500 gulden, dat over een periode van drie jaar in jaarlijkse termijnen van 500 gulden werd voldaan. Het blijft onduidelijk of dit orgel volledig nieuw was of dat het diende als vervanging voor een ouder exemplaar. Echter, gezien het bedrag dat in 1751 aan orgelmaker A.A. Hinsz werd betaald (750 gulden) en aan Van Buizen 250 gulden voor de orgelkast, kunnen we aannemen dat dit een aanzienlijke investering was. Dit lagere bedrag in 1751 suggereert dat Hinsz mogelijk veel pijpwerk van Siborch in het orgel heeft geïntegreerd.

Ondanks dat het als nieuw werd beschouwd, bevat het orgel niet alleen pijpwerk van Hinsz zelf, maar ook pijpen uit het vorige orgel uit 1643 van Siborch. De orgelbouwer markeerde de toonhoogte en zijn initialen op de pijpen. Het pijpwerk, grotendeels authentiek en goed bewaard gebleven, bevindt zich op een grote windlade. Het orgel, bestaande uit één klavier en een aangehecht pedaal, bevatte oorspronkelijk de volgende registers bij de bouw in 1751:

 

Praestant 8 vt

Quintadeen 16 vt

Holfluit 8 vt

Octaaf 4 vt

Speelfluit 4 vt

Quint 3 vt

Octaaf 2 vt

Mixtuur 5 en 6 st. geh.

Trompet 8 vt. Geh.

Dichtgemetseld Spitsbogenvenster

In 1751 werd het orgel vervaardigd door Albertus Anthoni Hinsz (1704-1785), een van de meest gerenommeerde orgelbouwers in Noord-Nederland in de 18e eeuw. Hinsz was een leerling van de eveneens beroemde orgelbouwer Schnitger.

In 1869 bleek dat het oude pijpwerk van Sieburg flink was beschadigd door het hoge loodgehalte en door het stemmen. Roelf Meyer voerde reparaties uit in augustus 1870. Vanaf dat moment is het orgel vrijwel ongewijzigd gebleven en is er weinig onderhoud aan gepleegd.

In 2008 begon een grondige restauratie onder leiding van Henk van Eeken, met advies van Harald Vogel. Tijdens deze restauratie werd de Bourdon 16′ vervangen door een Quintadeen. Het orgel werd voor het eerst weer bespeeld tijdens een kerstdienst in 2015 en werd in januari 2016 opgeleverd. De toonhoogte ligt iets meer dan een halve toon boven normaal, en de stemmingstemperatuur is gemodificeerde middentoon.